Deze moeder is erg blij met de koe die is geschonken door een weldoener uit Nederland

Geef een
KOE cadeau

en help een gezin met een
gehandicapt kindje
in Kyrgyzstan.

Steden en dorpen

Bishkek

De hoofdstad van Kyrgyzstan: Bishkek ligt in de vallei van de Chui rivier, op een vlakte 800 meter boven zeenivo, aan de voet van de Kirgizische Ala-Tau bergketen. De bergen liggen op een afstand van slechts 30 km van Bishkek, het beroemde Nationaal Park Ala-Artsja en Alamedin hebben bergtoppen tot 5000 meter hoogte.
Bishkek is een grote stad, het grootste gedeelte van de bezienswaardigheden liggen in het centrum van de stad, niet ver verwijderd van de hotels / guesthouses en heeft ook parken voor een kleine wandeling. Bishkek heeft rond de miljoen inwoners en is niet een oude stad, zoals andere steden in Centraal Azië, het werd pas gesticht in 1878. Het beeld van Lenin staat nog steeds op haar sokkel (het is wel onlangs verplaatst), hoewel de beelden van Manas, Kurmandjan Datka en vele lokale musici, dichters en schrijvers belangrijker zijn.

De stad groeide rond het fort Pishpek, gebouwd om de Zijderoute caravanen tussen Tasjkent en Kashgar te beschermen. In 1826 veroverden de Russen het fort en bouwden uiteindelijk rond het fort de stad Frunze. In 1991, na de verzelfstandiging van het land, kreeg het de naam Bishkek, de Kirgizische vertaling van de oude Kazachse naam Pishkek. Een ‘Bishkek’ of ‘pisjkek’ is een ‘vat’ om koemis te maken (en dat is gefermenteerde paardenmelk).
Bishkek is de zetel van het staatsapparaat, het is de centrum voor nijverheid en de fabrieken produceren de helft van alle produkten van het land. Het klimaat van de stad is continentaal, met hete zomers en koude winters, een droge lucht en de regen valt voornamelijk in april. De stad is, naar men zegt, de groenste stad van Centraal Azië, met meer bomen en bloemen dan andere steden.

Osh

Osh is de tweede stad van het land en de oudste. In het jaar 2000 vierde het haar 3000-jaar bestaan, totale bevolking rond de 300.000 mensen. Osj is het regionale centrum van het zuiden en maar een paar kilometer gelegen van de Oezbeekse grens, de Osj-bazaar schijnt al 2000 jaar op dezelfde plaats langs de Akboeoera-rivier gelegen te zijn. Osj bevindt zich op 1000 meter boven zeenivo, en het is een groene stad, veel bloemen en bomen. Osj was een belangrijk knooppunt langs de Zijderoute en de oudheid van de stad kan ook afgeleid worden uit de oudheid van de rotsinstripties en tekeningen op de hellingen van de Salomons troon. Rond deze troon, een berg centraal geleden in de stad, bevonden zich nederzettingen die ook vroeger in de stad aanwezig waren. Osj was een veilige plaats voor de caravanen langs de Zijderoute, die de reis over de hoge passen van de Pamir Alai (in het zuiden) en de centrale gedeelten van de Tien Sjan (oosten) overleefden. De legendes vertellen verhalen over de beroemde bezoekers, Salomon en Alexander de Grote. De Salomon berg is de kern van de stad Osj, het heeft de vorm van een liggende vrouw die in verwachting is.

Velen reizen door Osj gaan verder naar Oezbekistan, Natuurpark Sari Chelek, de valleien van Özgön en Arslanbob en voor het wandelen en klimmen naar de bergketen Pamir Alai.

Karakoel

Karakoel ligt tussen de oostkant van het Issyk Koel meer en de hoge bergketens van de Tien Sjan. Het is een vredig, groen en laaggebouwd dorp, met hoge witte populieren en de Tien Sjan spar. Het is het administratief centrum van de Issyk Koel provincie en de beste vertrekplaats voor het verkennen van het merengebied, de Terskey Alatoo bergen en centrale gedeeltes van de Tien Sjan. Ook de zondagmarkt is een bezoek waard.

Karakoel werd gesticht op 1 juli 1869, vanwege haar milde klimaat besloten de Russen hier hun garnizoen te vestigen. Przhevalsky werd de naam, naar de Russische ontdekkingsreiziger, wiens laatste expeditie eindigde in dit gebied. Zijn graf, gedenkteken en museum zijn vlakbij Karakoel gelegen. Karakoel, de huidige naam van het dorp, bevindt zich 1770 meter boven zeenivo en heeft hedentendage 75000 inwoners. Karakoel betekent ‘zwarte hand’, waarschijnlijk refereert dit naar de zwarte handen van de Russische boeren en zwart vanwege de rijke, zwarte aarde van de regio (kool). De aantrekkingskracht van Karakoel en de regio zijn de bergen, die beginnen net buiten het dorp en alle vormen van toerisme mogelijk maken (fietsen, bergklimmen, paardrijden, skiën en wandelen).

Naryn

Is een lang dorp, gelegen tussen rode zandsteen rotsen aan de ene kant en golvende groene heuvels aan de andere kant, zich uitstrekkende 15 kilometer langs de rivier de Naryn op een hoogte van 2000 meter boven zeenivo. Bevolking van rond de 45000 inwoners.

Naryn staat bekend als het koudste dorp in Kyrgyzstan. De temperatuur in de winter kan ’s nachts tot min 40 oplopen en de gemiddelde jaartemperatuur is min 6. In de zomer is het heet en stoffig, het was sinds 1868 een Russische garnizoensstad, na de onafhankelijkheid in 1991 vertrokken bijna alle Russen. Het beeld van Lenin staat nog steeds in de hoofdstraat. Naryn wordt veelal gebruikt door toeristen als de laatste slaapplaats op de weg Bishkek – Torugart, voordat zij naar China reizen, het is 175 km gelegen van de grensovergang.

Talas

In de geschiedenisboeken werd de ‘Slag bij Talas’ in 751 beschreven als het keerpunt van de Chinese expansiedrift in de regio, de slag werd gewonnen door de Arabieren en luidde de groei in van de islam in de regio. Talas is ook de woonplaats van de legendarische volksheld ‘Khan’ (koning) Manas. In het heldenepos Manas, beschreven en nog steeds opgevoerd, vertellen de ‘manaschi’ (vertolkers van de opvoering) in lange monologen over de veldslagen van de Koning Manas en zijn legers, en over de opbouw van het land Kyrgyzstan.

Talas was een onbelangrijk dorp toen de Russen het in 1864 bezetten, nu is het dorp het regionaal centrum van de provincie en ziet er aantrekkelijker uit. Ten zuid-westen van Talas staat het complex ten ere van Manas, inclusief een mausoluem (gumbez). Vanuit Talas is het mogelijk naar de valleien en heuvels van de Talas Alatau te wandelen, speciaal de Besh Tash vallei, met een schilderachtig meer op de berg.

Kochkor

Kochkor is gelegen net naast de drukke weg vanaf Bishkek naar Naryn, het is een klein dorp en een leuke plaats voor toeristen om te stoppen voordat men verder gaat naar Bishkek, Naryn, de valleien van Soesamyr, de jailoo’s of naar Son Koel.

Kochkor werd vroeger vernoemd naar een minister Stolypin, die de promoter van Russische kolonisatie van Centraal Azië en vechtte tegen de Oktober Revolutie. Na de revolutie hernoemde de Bolsjeviks het dorp Kochkor.

In Kochkor is het leuk om het Museum te bezoeken, voor een interessante tentoonstelling van lokale handwerken. Ook aardig is het vrouwenproject Altyn Kol (gouden handen) waar het mogelijk is mooie tapijten oid te kopen, alle gemaakt in de lokale stijl (Shyrdak, AlaKyiz, kussenslopen, tassen, etc.), direct ondersteunt u dan het project waaraan vele vrouwen in de regio aan mee werken. De regio staat bekend om haar goede schapenwol en vandaar dat het project populair is, de vrouwen hebben een interessante traditie van het maken van tapijten.

Dzjalal-Abad

Dzjalal-Abad is een kleine stad, met brede straten en vele theehuizen. Het is het vertrekpunt voor een bezoek aan de walnootbossen en het Oezbeekse bergdorp Arslanbob (anno 2006: Arstanbab). Dzjalal-Abad ligt aan de voet van de Ajoebtau bergketen, waar de rivieren Kok Art en Kara Darya tezamen komen, en het is ook de hoofdstad van de provincie met dezelfde naam, it has 80 000 inhabitants.

De stad heeft een lange historie van reizigers en handelaars die er doorheenkwamen op de Zijderoute. In 1878 hebben de Russen hier een garnizoen gebouwd en een miliair ziekenhuis. Dzjalal-Abad werd later ook ontwikkelt als een agrarisch-industrieel centrum, waar men katoen, tarwe, walnoten, fruit, groeten, mais en zijdewormen produceerde, en exporteerde naar Rusland. Het is een vakantieoord, met het rustige en gezonde Dzjalal-Abad sanatorium, met modder- en mineraalbaden, massage, sauna en drinkbaar mineraalwater. Zoals in vele plaatsen in het zuiden van Kyrgyzstan is twee derde van de bevolking Oezbeeks, anderen veelal Kirgies.

Özgön

Özgön is een klein dorp, gelegen op de rechtse oever van de Kara-Darya rivier, ongeveer 50 km vanaf Osh. Het is ook een oude nederzetting, en ontstond ergens in de 8e en 9e eeuw, in de periode van de Turkse Khanaten langs de Zijderoute. Sommige opgravingen tonen aan dat er een groot fort was in de 10e en 12e eeuw, maar in de 13e eeuw werd alles verwoest door Dzjengiz Khan. Overgebleven zijn de Minaret en drie Mausolea uit de bloeitijd.

De bevolking van Özgön bestaat voor 85% uit Oezbeken.

In Boerans, zo’n 90 km rijden van de hoofdstad Bishkek, bevindt zich de minaret van Boerana. Vele historici en archeologen geven aan dat dit terrein eens de hoofdstad, Balasagoen genaamd, vormde van het rijk van de Karachaniden, en werd gesticht in het midden van de 10e eeuw. Het woord ‘Boerana’ komt uit het Turks en betekent ‘minaret’ of ‘munara’.

De minaret, de toren, is het centrale monument op het bouwkundig complex, het is een toren gebouwd in de 11e eeuw en de functie was, zoals alle minaretten, om de gelovigen op te roepen om naar de moskee te komen. Er zijn echter geen overblijfselen van de moskee gevonden, de toren was vroeger 45 meter hoog en het hoogste punt was een koepel, met licht naar vier zijden. Tegenwoordig is het slechts 24,5 meter hoog, werd verwoest door aardbevingen in de 15e eeuw en pas gerestaureerd in 1974.

Op het terrein zijn ook aanwezig 80 grafstenen (‘Balbal’), daterende uit een eerdere peroide en gevonden in de hele regio.